Afbeeldingsresultaat voor carces l'eglise

Carcès, een zondagochtend. Na brood gekocht te hebben bij onze bakker, hebben mijn zoon en ik wat gedronken bij het café. Het volgende is altijd een kaarsje opsteken in de kerk. Dat schijnt ook te werken als je er niet in gelooft. Mooie rituelen.

We lopen langs de kerk en we zien een condoleanceregister liggen voor de kerk. Dat ligt er om de week wel eens en het gaat dan om mensen van boven de tachtig. Er wordt ook altijd volop getekend en als de dag van de begrafenis is, is het ook altijd druk. De kerk vult zich, de jonge pastoor gaat voor en men verlaat de kerk. Achter de auto aan loopt men naar de begraafplaats zo’n 500 meter verderop.

Zo gaat het meestal.

Deze zondagochtend ging het allemaal iets anders. We, mijn jongste zoon en ik, liepen langs het register en ik zag dat het ging om een jonge vent van 27. Dat komt altijd anders binnen dan een tachtigjarige. Die heeft een lang gevuld leven achter de rug en als het meezit was dat een mooi leven. Als je 27 bent ligt dat anders. Dan hoor je niet te sterven. Dan hoor je te dromen over je leven en alles wat er nog gaat komen. Je gang naar de begraafplaats moet zijn achter de kist van familie op leeftijd, eventueel opa of oma. Meer niet.

Zelf hoor je niet in een kist te liggen. We schrokken er dus samen van en spraken erover op weg naar huis. En we bespraken het bij het ontbijt. Als ouders voel je wat er allemaal achter zo’n bericht zit.

Een paar dagen later waren we natuurlijk weer in het dorp en toen was de mis gaande voor de uitvaart. Voor de kerk stond de rouwwagen, altijd een busje, en erachter stonden wat motorrijders. Een stuk of zes.

De deuren van de kerk stonden open en de kist werd naar buiten gedragen en in het busje geschoven. Toen kwamen de mensen naar buiten en onder hen een groot aantal in voetbalshirts. De jonge man die dood was was een sportliefhebber, zoveel was wel duidelijk.

Na een vijftal minuten, diepe stilte ook op ons terras, werd het busje gestart en toen brak de hel los. Beetje rare uitdrukking in deze context maar zo klonk het wel. De motorrijders startten hun motoren en gaven vol gas. Niet een keer maar vele keren. Zeer luid. Iedereen schrok zich dood. Toen het busje begon te rijden reden de motoren erachter aan met hetzelfde kabaal. De hele hoofdstraat door met meer decibellen dan goed is voor de mens. Tot aan de begraafplaats hoorden we hen.

Indrukwekkend en verwarrend was het zeker.

Later hoorden we dat de man in kwestie zich had doodgereden op zijn motor. Dat hij jong en heel sportief was en een mooie toekomst voor zich had liggen. Ineens was alles gestopt.

We waren erg onder de indruk van deze brullende begrafenis. Mooi ook.

Advertenties