Tags

, , , ,

Iedereen kent het gevoel. Je had als kind maar één doel in het leven en dat was popster worden. Of astronaut. Of brandweerman. Of schrijver. Of beroemd. Doet er niet toe wat, de droom was er en je kreeg er energie van. En een gevoel van onoverwinnelijkheid, want je zou uiteindelijk ook astronaut worden natuurlijk. De zon scheen iedere dag en huppelend liep je van school naar huis. In de wetenschap dat je op weg was naar roem of heldendom. Of beide.

Iedereen weet ook dat de werkelijkheid een beetje te vormen is door je alvast te gedragen zoals je het wilt hebben. Als je in juni al in vakantiekleding rond gaat lopen voelt de vakantie al een stuk dichterbij. Als je je in je loopbaan al als manager gaat gedragen, dan is er een redelijke kans dat je bij de volgende vacature in aanmerking komt voor die functie. Als je je bij de bakker op een drukke zaterdag bescheiden opstelt, dan heb je kans dat je als laatste, na de drukte, wordt geholpen. Dan voel je je over het hoofd gezien omdat je je hoofd niet hebt opgeheven. Je bent het al een beetje als je je zo gedraagt. En nee, dit gaat niet voor alles op.

De combinatie van het hebben van een doel én je al volledig zo gedragen heet  pretentialisme. Het is iets anders dan pretentieus zijn: dat is namelijk je voordoen voor iets wat je niet bent en wat waarschijnlijk ook buiten je bereik ligt. Pretentialisme is nu juist het binnen je bereik brengen van een groot doel door het gewoon al te doen.

Zo hadden mijn beste vriend en zijn vrouw ooit een pretentialistische keuken. Heel klein in een klein huis in een Utrechtse buurt. Die keuken gedroeg zich als een heel grote keuken met allure en plek voor heel veel spullen en heel veel vrolijke vrienden. Objectief gesproken onmogelijk, in de praktijk bleek het te kunnen. De keuken had een doel, groot en vooral ruim zijn, en gedroeg zich al zo.

(Het pretentialisme is ontstaan in Parijs in de Rue Descartes bij La Maison de Verlaine, op een herfstige avond omstreeks 1983. Het restaurant zelf was ook erg pretentialistisch overigens, en heeft nu gemiddeld 4,5 ster bij Tripadvisor.)

Ik moest aan dit alles denken dit weekeinde toen ik las over Jesse Klaver. Hij  wil niet alleen aan JFK doen denken, hij wil ook premier worden. En zie wat gebeurt: zijn partij stijgt in de peilingen dankzij deze ambitie. Hij is daarin zeker niet pretentieus maar ronduit pretentialistisch. Door het uit te spreken én door zich zo te gedragen -mooie speech, brede visie, voor iedereen willen zijn- is hij al bijna premier. Hij hoeft het alleen nog maar te worden. Ik bewonder dit gedrag zeer.

De overige partijen schikken zich naar de werkelijkheid van alledag. Peilingen vormen de referentie voor alle uitingen. Men reageert op anderen. Men laat zich door anderen definiëren en reageert daarop. Klaver niet. Die heeft een idee en een plan en spreekt dat uit. Gaat daarop preluderen. Als je je idealen wil verwezenlijken dan kun je maar beter premier zijn, heeft hij gedacht. Dus, waarom niet?

Dat hoongelach hem ten deel valt, doet er niets toe. Het siert hem dat hij ten diepste beseft hoe het werkt. Als je iets wilt worden dan kun je maar beter alvast zo gedragen.

Op een dag is Jesse Klaver premier.

Advertenties