Tags

, , , , , ,

In de jaren tachtig van alweer de vorige eeuw schreef Jean Baudrillard een boek: In de schaduw van de zwijgende meerderheden. (http://nl.wikipedia.org/wiki/Jean_Baudrillard)

Dit boek maakte op mij grote indruk. Echt Frans. Moeilijk te doorgronden neologismen, zoals simulacra, en dwingend geschreven. Maar dat was niet de reden waarom ik onder de indruk was. Dat kwam vooral door de observaties van Baudrillard over de afstand tussen politiek en burger. En zijn woorden hebben niets aan kracht verloren.

Wat zegt hij hierover?

Allereerst zegt hij dat wat wij allen zien als de werkelijkheid, helemaal niet werkelijk is. Wij zien een door ons geconstrueerde werkelijkheid. Woorden verwijzen altijd naar iets anders. Tegenwoordig zouden we dit framing noemen als het gaat over politiek. Het compromis over de bed, bad, brood regeling wordt gepresenteerd als een inhoudelijk goed compromis waarin Nederland weer op de goede weg is. Beide partijen kunnen vertellen hoe zij geheel volgens eigen uitgangspunten een goed compromis hebben behaald. Beide partijen komen als winnaar uit de bus. Zo creëren we met elkaar een nieuwe werkelijkheid die de echte werkelijkheid probeert te verbergen. Dat gebeurt steeds weer.

Politici en spindokters blinken hierin uit. Verhalen komen tot stand, met een eigen jargon. We “voeren oorlog” tegen ideeën van anderen, “eerst het zuur, dan het zoet”, “Nederland is een tè gek land”, de rijksbegroting is eigenlijk “een huishoudboekje”, een nederlaag is eigenlijk winst omdat de nederlaag minder groot is dan verwacht. Et cetera.

Baudrillard komt met een prikkelende stelling over de kloof tussen politiek en burger. Politici zeggen continu dat ze de burger blijkbaar nog niet goed genoeg hebben uitgelegd wat zij bereikt hebben. Immers de burger stemt niet meer op hen, dus moet er iets niet goed gaan. Er gáát ook iets niet goed maar anders dan politici denken lopen burgers niet hijgend achter de politiek aan, zij zijn de politiek al lang voorbij.

De burger heeft de politiek achter zich gelaten. Dat is de kern.

De keizer herkent het frame, herkent de verbloeming van de werkelijkheid, herkent ook het gebrek aan oprechtheid. Niet uit onbegrip of uit ongeïnformeerdheid maar juist doordat hij compleet is geïnformeerd. De woorden hebben iedere relatie met de werkelijkheid van alledag verloren en dus is wat gezegd wordt niet meer interessant of legitiem.

Plat gezegd: kiezer denken klets maar raak in je eigen wereldje, mijn wereld is een andere. De politiek loopt hijgend achter de burger aan maar weet dat nog niet.

Er zit maar één ding op voor de politiek: zeg hoe het is, verbloem niet. Verlies is verlies, een compromis wordt bereikt om macht te behouden, standpunten worden uitgeruild om met elkaar door te kunnen gaan. Wees helder om weer bij de kiezer in de buurt te komen.

Dat zou in ieder geval opleveren dat de ruimte voor extreme opvattingen minder wordt. Op links en op rechts. Die opvattingen zijn namelijk altijd gemakzuchtig simpel. De wereld is niet simpel. De kiezer is ook niet simpel. Die wil gewoon serieus worden genomen en op ooghoogte verder kunnen praten.

Iedereen weet dat het huidige compromis over bed, bad en brood geen enkele relatie met de werkelijkheid heeft. Als ik dit schrijf zeggen burgemeesters op televisie gewoon dat ze doorgaan met hun eigen opvang. Zij benoemen de werkelijkheid zoals die is. Die werkelijkheid is dat er illegalen in Nederland zijn en blijven komen, die opgevangen moeten worden, op welke manier ook. Anders krijg je zwervende mensen en dat wil niemand. Dat weet de landelijke politiek ook.

Kortom: praat de burger, de kiezer niet na in een poging zijn gunst te krijgen. Kom met het eigen verhaal zoals het is, precies zoals het is. Ook als het niet modieus is. De onverbloemde werkelijkheid maakt meer indruk dan verbloemende taal en framing. Mensen krijgen respect voor dat verhaal, zelfs als zij het er niet mee eens zijn.

Doen.

Advertenties