Tags

, , , ,

Als klein kind kwam ik bij V&D in Utrecht, in de Lange Viestraat. Mijn moeder werkte er op de koekjesafdeling als verkoopster. Tijdens de Sinterklaastijd stond de etalage vol met bewegende pieten en Sinterklaas. Volop verlicht ook. Mijn vader reed eerst langs de etalage, parkeerde en dan gingen we even naar binnen, naar mijn moeder.

In mijn herinnering was het er gezellig en warm. Een warenhuis vol met mooie spullen en ook een aapjesorkest in het trappenhuis. Mijn moeder stond in een carré-opstelling tussen de koekjes. Betere kwaliteit en beter gesorteerd dan die van de bakker in de buurt maar niet over de top.

Dat was het geheim van V&D: bereikbare kwaliteit voor de gewone man. In een sfeer van enerzijds de schoonheid van het leven en anderzijds van doe maar gewoon. Dat is nog lang zo geweest maar ergens in de jaren tachtig veranderde er iets. De HEMA kroop dichterbij en zorgde voor allerlei designverrassingen voor weinig. Vrolijke winkels, licht, design en dat voor een aangename prijs. Het aanbod van V&D werd onduidelijker. Waarvoor ging je nu precies naar V&D?

Aan het eind van de vorige eeuw was het geen pretje meer om naar V&D te gaan. Ik woonde inmiddels in een grote plaats met een eigen V&D. Ik gebruikte de winkel vooral om van de ene kant van de winkels naar de andere te komen, een passage. En steeds viel  mij op dat er geen enkele reden gegeven werd te stoppen. Mijn oog werd nergens naar toe getrokken. Ik vroeg me af hoe dat kwam.

Kijk goed naar het assortiment. Nog steeds is de echte V&D een winkel van bruin- en beigetinten. Kleding vooral maar iedere etage straalt een gebrek aan ambitie uit. Op geen enkele plek word je geprikkeld, of denk je na over wat je ziet. Wil ik het hebben of niet? Heb ik het nodig? V&D heeft de dingen die je overal kunt krijgen maar dan wél in vrolijke modieuze kleuren. Uitzondering hierop zijn nu juist de niet-V&D onderdelen: La Place, Rituals, de parfumafdeling. Daar vind je nog iets vaneen heldere formule, bezieling, lol in het werk, focus op kwaliteit. De relatief kleine gespecialiseerde formules doen het wel goed. De grote bruine V&D niet.

V&D is een reliek uit het verleden. Een groot warenhuis voor de gewone man. Die gewone man bestaat niet meer als algemene categorie. De gewone man vindt op internet wat hij zoekt en koopt daar. Gaat naar prijsstunters voor de low-interest zaken en spaart daarmee geld uit om andere dingen te doen. Gaat naar de Bijenkorf voor het gevoel van luxe. V&D is stuck in the middle en zal daar niet meer uitkomen. Hoe er ook wordt onderhandeld over geld en financiering, het is voorbij.

Het drama is wel groot overigens. De mensen die er werken doen dat met hart en ziel. Mijn woonplaats zal een groot leegstaand pand erbij krijgen. Nog een. De dynamiek in het straatbeeld wordt weer minder. De grote steden zullen vervangende winkels krijgen. Dat zal bij mij niet het geval zijn. Mijn woonplaats is niet groot en interessant genoeg voor een andere keten. Is het jammer? Ik weet dat niet.

De wereld verandert en V&D is niet meeveranderd. Wel aanpassingen gedaan maar niet met overtuiging, met visie. Geen idee wat het DNA van V&D meer is. En als dat onduidelijk wordt dan blijven de klanten weg. Onduidelijke formules zullen verdwijnen. En dat is niet anders voor V&D.

Advertenties